In het ED: Soesjes in clubkleuren bij 75-jarige Hockeyclub Oirschot

Hockeyclub Oirschot bestaat 75 jaar. Het geplande feest van 11 en 12 december is verzet naar juni volgend jaar. Toch werd een klein feestje gevierd, met soesjes voor de hele club. Bakker Pieter van Assouw, eigenaar van De Oirschotse bakker en lid van de club bakte duizend soesjes. Die werden zaterdagochtend op de markt uitgedeeld.

Kurken hockeyballen

Twee oud-spelers haalden een week eerder al herinneringen met elkaar op. ,,In de begindagen van onze club werden de kurken hockeyballen iedere week wit geschilderd. Dan hingen de ballen, waar een schroef ingedraaid was, te drogen boven de kachel. Het eerste officiële hockeyveld lag achter Schoonoord, aan de Bestseweg. Met water uit het kanaal voor de douches. ” 

Aan het woord is Jan Mercx, een van de ereleden van de club. Hij heeft jarenlang gehockeyd bij Heren-1 en was 35  jaar wedstrijdsecretaris. Samen met zijn vrouw maakte hij op maandagavonden ook het weekblad Bullaria, met daarin het wedstrijdschema.

Een herinneringsboekje, in het bezit van de heer J. Mercx, toont een oproep uit 1946 tot oprichting van een hockeyclub. 

Mercx: ,,Hockeyclub Oirschot is op 15 december 1946 opgericht door Jo Hagemeijer. Al voor de oorlog was er een poging gedaan een hockeyclub op te richten, door de jongens van Nuyens die zelf houten hockeysticks maakten. Maar de oorlog begon, dus hockey verdreef toen naar de achtergrond. Tot 1946. En een jaar later was het eerste damesteam een feit.”

,,En dat was het team van mijn tantes Jeanne en Lucie Bullens”, vertelt oud-voorzitter Toon Bullens. ,,Iedere zondag kwam ik bij mijn oma op de koffie en het was hockey wat de klok sloeg. Het damesteam kwam daar bij elkaar, de shirtjes werden door mijn oma gewassen, er werden strategieën besproken. Als vanzelfsprekend ging ik als 10-jarige bij hockey.” 

Meer taken doen? Dat was vanzelf­spre­kend. De club was je hele sociale netwerk.

Toon Bullens

Niet alleen als speler was hij actief maar ook als coach, voorzitter en wedstrijdsecretaris bij het internationale Donkeytoerooi. Bullens: ,,Meer taken doen? Dat was vanzelfsprekend. De club was je hele sociale netwerk. Je hoefde geen vrijwilligers te werven, die waren er gewoon. Die vanzelfsprekendheid is wel weg, maar dat heeft met de verandering van de maatschappij te maken.”

Toernooi met ezelnaam

Na bezoeken van internationale toernooien in Engeland vanaf 1966, ontstond het idee om zelf zo’n toernooi te organiseren. Dat werd het Donkey-toernooi. Mercx:,, We spotten met de ezelnaam een beetje met onszelf, mocht het toernooi in de soep lopen.” Jarenlang was het een enorm succes, met deelnemende landen als Denemarken, Italië, Engeland en zelfs India.

Sandra Voet, sinds deze zomer voorzitter van de club, deelt de soesjes mee uit. Voet: ,, We wilden dit moment van oprichtingsdatum niet zomaar voorbij laten gaan. Voor leden niet, voor vrijwilligers niet. Als nieuwe voorzitter was het een druk half jaar, met al die veranderingen in coronatijd. En telkens merkte ik het schouders-eronder-zetten gevoel bij de vrijwilligers. Dat maakt me enorm trots en blij.”